Oké, oké, ik geef het toe. Ik ben een stalker in optima forma. Sinds mijn baasje terug is van vakantie, achtervolg ik haar altijd en overal. Naar het toilet, naar de schuur en naar haar werkplaats. Ik ga stilletjes achter haar liggen als ze in de keuken staat en slaap onderaan de trap als ze naar boven gaat. Nu hoor ik jullie denken, dat is toch niet anders dan anders? Dat doet toch elke boxer om baasjes te behoeden voor onverwachts weglopen en in problemen komen?

Ja, dat klopt, veel van die zaken deed ik al, maar nu nog een stukje intenser. Ze kan haar stoel niet meer naar achteren schuiven om op te staan, want ik lig eronder. Zit ze op de bank, dan zit ik voor haar en staar haar aan. Wil ze haar veters strikken, dan heb ik mijn voorpoot al op haar schoen gezet. Mijn kop leg ik op het toetsenbord van haar laptop zodat ik zeker weet dat ze mij nog in de gaten heeft. Ja, mijn obsessie gaat ver, heel ver.

“Je hebt afleiding nodig, Drop,” zei mijn baasje. Gewoon even iets anders aan je hoofd dan mij, want ik word er knettergek van en misschien word jij ook wel gek van jezelf. Dus wat vind je er van als je vriendinnetje Saar, de bruine labrador, komt logeren? Dan heb je vast geen oog meer voor mij.“

Zo gezegd, zo gedaan. Dus daar kwam Saar, met haar mand, voer en riem. Ze vloog zo hard door de voordeur heen dat de moeder van het baasje van Saar bijna naar binnen struikelde. Saar had er zin in. Pyjama mee en knuffel. En toen dook ze op mij. Ze betaste mij, ze likte mij, ze aaide mij. Binnen een mum van tijd lag ik op mijn rug en zij boven op mij. Ze klemde mij vast en liet mij niet meer los.

Saar vindt mij lief. Dat is duidelijk. Elke ochtend als we elkaar treffen op de brug, kust ze mij. Elke ochtend als ik haar thuis breng, kus ik haar. Dus ja, de liefde is wederzijds maar overdrijven is ook een vak. Nu Saar in mijn achtertuin stond ontaarde haar liefde in je reinste stalkerij. Wilde ik even bij mijn uitkijkpost kijken naar langslopende buurkinderen, ging Saar op mijn staart zitten zodat ik niet weg kon komen. Had ik eindelijk een balletje te pakken, likte Saar zo hard mijn neus dat ik het balletje moest loslaten om te kunnen ademen. Had ik mij rustig terug getrokken in mijn mand, dan ging Saar ervoor liggen en staarde ze mij aan. Echt, ik zweer het je, ze liet mij niet met rust. Waar ik ging, ging Saar ook,wat ik ook deed, dat deed Saar ook. Ze staarde zelfs door de achterdeur heen toen ik buiten moest eten omdat anders Saar mijn bakje ook zou leeg maken.

Uiteindelijk heeft mijn baasje Saar in bed gelegd om elf uur s’ avonds. Haar mand stond natuurlijk naast die van mij, zodat ze mij goed in de gaten kon houden en ‘s ochtends, terwijl ze echt wel van uitslapen houdt, stond ze al vroeg naast mijn bedje om mijn rimpels glad te strijken. Haar tong kwam bijna mijn oren uit.

Bij het wandelen, zette Saar geen stap zonder mij. Moest ik even mijzelf ontlasten, dan was ze er als de kippen bij om te kijken of ik hulp nodig had. Keek ik naar links, dan deed ze dat ook. Keek ik naar rechts, dan draaide ze ook haar koppie. Ze was bezemwagen en de voorhoede tegelijkertijd.

Ik moet eerlijk toegeven. Met Saar om mij heen had ik veel minder tijd om achter mijn baasje aan te lopen. Ik was alleen maar bezig om aan mijn vriendin te ontsnappen. Ze is echt lief, zachtaardig en doet geen vlieg kwaad maar soms heb ik even een momentje voor mijzelf nodig.

Zou mijn baasje dat nou ook hebben?


0 reacties

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.