Ja… de kerstvakantie is afgelopen. We gaan weer trainen. Ik ben al de hele dag druk in de weer want vanavond, na bijna een maand winterstop, mag ik weer naar de boxerclub. Mijn vrienden zien, racen over het veld en klieren bij de hooperstraining. Heb er zin in. Maar naarmate de dag vordert, hoe harder het gaat regenen. Met bakken komt het uit de hemel. Baasje is druk met haar telefoon. Bezorgde appjes van andere boxerbaasjes; “Gaat het wel door met dit vieze weer? Is het niet te nat, te glad? Maar ook appjes van trainers “Ik ben helaas ziek, dus ik kan niet komen” Ik sta in de file en ben dus wat later.” Even snel overleggen met andere trainers, wie neemt wat over en hoe doen we dat met nieuwe boxers die vanavond voor het eerst een proefles draaien? Oftewel, druk, druk, druk voor de aanvang van het nieuwe trainingsseizoen.

Baasje heeft aangeboden om het terrein te openen, dus we zitten al bijtijds in de auto. Ik, met mijn gevoerde regenjas aan, bal klemvast in mijn bakkes, zodat baasje die niet kan vergeten. Baasje heeft haar laarzen aan, een spijkerbroek, 3 lagen bovenkleding, een winterjas en daaroverheen een regenjas. Nee, die zal niet verzuipen in de regen.

Nadat baasje de auto heeft geparkeerd, ren ik in het donker over het veld. Niets is leuker dan het trainingsveld helemaal alleen voor mijzelf te hebben. Ik sprint van links naar rechts. Gooi de bal in de lucht en vang ‘m weer op. Baasje is ondertussen aan het worstelen met de sleutels van de zeecontainer waar alle spullen in staan. Ze heeft het licht van het veld niet aangedaan omdat ze de code van de kantine vergeten is, waar het lichtknopje zit. In het donker trekt en rukt ze aan de containerdeur. Dan gaat ze met de eerste spullen richting het veld. In haar armen heeft ze een schapennet om een afscheiding te maken voor de verschillende trainingen.

Ik ben ondertussen mijn bal steeds voor de voeten van mijn baasje aan het leggen. Gooi nou, gooi nou, straks komen de anderen en moet ik weer aan de riem. Ik duw tegen haar benen en spring tegen haar op. Op het moment dat ze haar ene voet naar voren zet, in het donker, op mijn balletje, blijft ze met haar andere voet haken in de mazen van het schapennet. Met een mooie salto mortale beland baasje op haar rug in het modderige natte gras. Als een vis op het droge, spartelend in het schapennet, ligt mijn baasje in de stromende regen op het veld. Ik hou mijn adem in. Er kunnen namelijk drie reacties komen: Optie 1: Baasje gaat huilen (mijn baas is namelijk een vrouw en die tranen zitten soms hoog) Optie 2; baasje staat haar mannetje en vloekt als een bootwerker (gebeurt zelden maar je weet maar nooit) Optie 3: ze buldert van het lachen want ze ziet het komische van de situatie wel in.

Mijn opluchting is groot als baasje kiest voor optie 3. Ik probeer ondertussen mijn balletje in haar oor te proppen. Ze ligt toch op de grond dus ik kan er beter bij. “Help nou even mijn laars te bevrijden uit het net, in plaats van mij te begraven in de modder, Drop!”En dat laat ik mij geen twee keer zeggen. Ik duw het balletje in de laars en sjor de laars uit het net. Baasje staat inmiddels met één sok in het natte gras te hinkelen. “Hier met die laars, roept ze terwijl ik in de startblokken sta om een ere rondje over het veld te sjezen met mijn net veroverde schoeisel.

De rest van de avond blijft relatief rustig. Geen andere ongevallen. Niemand verzopen. Bij thuiskomst in de keuken gooit baasje haar laarzen in de hoek. Uit de punt van haar laars haalt ze een drijfnatte sok. Haar spijkerbroek doet een poging stijf rechtop te blijven staan van de modder terwijl ze de broek van haar benen afstroopt. De rits van haar regenjas is uit de voering gescheurd zodat ze nu een bijzonder instapmodelletje heeft. De mouwen van haar groene winterjas zijn zwart, evenals de mouwen van de trui eronder. Straaltjes regenwater lopen via haar kraag zo haar bh-tje in. Terwijl baasje bukt om bij mij mijn regenjas uit te doen, lekker warm en droog ben ik gebleven, roept de grote baas vanuit de woonkamer; Wat zit daar op je bil, schat? Zware avond gehad? Ik kijk naar baasjes billen, knipper met mijn ogen en kijk nog een keertje. Precies midden op haar rechterbil worden langzaam maar zeker de contouren zichtbaar van de sleutels van de boxerclub. De sleutels zaten in haar kontzak toen ze viel. Ze hebben een afdruk gemaakt in het rood en blauw van beschadigd huid. De ronde sleutel van het parkeerterrein, de ietwat langwerpige sleutel van de kantine, de kleine sleutel van de zeecontainer en de rechthoekige sleutel van het tussenhek. Allemaal met precisie afgedrukt in de vetjes van mijn baas. Ik zoek mijn mandje op met de gedachten dat mijn baasje deze week extra lang kan nagenieten van weer een geslaagde trainingsavond op de boxerclub.


1 reactie

Hans · 15 januari 2023 op 14:10

heel knap, ik was al lang gestopt. moest erg denken aan de voetbaltijden net onze jongste…

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.